Kut het wordt weer kerst

door Marjolein

Kut het wordt weer kerst

December 2002 of 2003, vlak voor de kerstvakantie. Ik was huiswerk aan het maken en had 3FM op staan, de middagshow van Ruud de Wild samen met Jeroen Kijk in de Vegte. Opeens hoorde ik: “Jongens het wordt weer Kerst en daar heb ik een liedje over gemaakt.” (klik op de link voor het liedje en de beleving😊). Ik legde mijn pen neer en luisterde verder. Het duurde niet lang of ik lang dubbel van het lachen in mijn eentje op mijn zolderkamer. Het was absurd, sarcastisch en bevatte ook een kern van waarheid. Kortom; humor en het zette een hak tegen het ‘Oh zo leuk en moet altijd gezellig zijn Kerst’. Het was in de tijd dat ik nog uitkeek naar de kerstvakantie en de feestdagen.

De laatste jaren zie ik echter ieder jaar gigantisch op tegen Kerst. Omdat het altijd perfect moet zijn, dat ik moet vertellen hoe fantastisch het afgelopen jaar wel niet was. Want iets anders verwacht men niet. Ik zie er tegenop omdat bijna mijn hele familie een wederhelft heeft en al tig jaar gelukkig samen is en ík niet. Ieder jaar de angst hebben dat ik dezelfde stomme vraag krijg zoals Bridget Jones “Hoe is je liefdesleven?“. Of nog erger: “Waarom ben jij nog steeds alleen?”. Deze vraag is niet alleen heel erg persoonlijk, maar er schuilt ook een veroordeling in en dat maakt het pijnlijk.  Laten we het eens omdraaien. De vraag: “Zo, hoe is jullie liefdesleven na 25 jaar huwelijk?” is onbeleefd. Dus bij dezen de oproep aan alle lezers, die deel uitmaken van een gelukkig (getrouwd) paar: stel deze vraag nooit aan een alleenstaande. Het maakt me (ons) nog eenzamer dan ik (we) me (ons) al voel(en) in de feestmaand. Zeg er niets over en vraag gewoon oprecht hoe het gaat.

Ongemak voor de feestmaand alom dus. Maar de eenzaamheid zit hem niet alleen in het niet hebben

van een partner. Het zit hem ook (vooral) in het gevoel er niet bij te horen. Je bent wel op het kerstfeest maar jij staat buiten en je kijkt naar binnen naar de feestende menigte. Je voelt de warmte van binnen maar je voelt ook (vooral) de kou van buiten. Net zoals het Meisje met de Zwavelstokjes.

Een leeg verhaal ophangen over hoe geweldig het allemaal niet was het afgelopen jaar. Of je verschuilt je door alleen met je neven en nichten te praten die nog student zijn. Dat laatste was mijn tactiek van de afgelopen jaren want dan ging het over festivals, feestjes, politiek (echt waar), studie en kun je als grote nicht nog wat tips geven. De vervelende vraag: “Hoe gaat het?” wordt niet gesteld en dus fijn want daar wilde ik het juist niet over hebben.

Zelfs niet in 2017: Een half jaar werkloos thuisgezeten, met een Hbo-diploma op zak bijna de bijstand in gegaan, het verlies van een zeer goede vriend die als een tweede vader voor me was. Ik was erbij toen hij zijn fatale hartinfarct kreeg en ik liep hiervoor bij de GGZ: ik zei helemaal niets. Door het er niet over te hebben voelde ik me nog eenzamer en ellendiger. Maar dat drukte ik weg en hield mezelf en de wereld om me heen voor de gek dat het wel allemaal ok ging.

Het echte dieptepunt volgde dan ook in 2018: de gedachte dat ik niet goed genoeg was, alleen maar leuk voor even, het schuldgevoel omdat ik getuige was van het fatale hartinfarct van mijn goede vriend, en dus de laatste persoon die hem levend gezien heeft, bleven me achtervolgen tot ik niet meer kon. Ik kon niet meer, ik wilde niet meer en dacht: “Wat nou als ik gewoon stop, maar dan ook echt helemaal stop met álles?”. Dieper dan dit kun je bijna niet komen, en ik was daar heel dichtbij en schrok daar enorm van.  Ik liep al bij de GGZ en heb meteen een extra afspraak gemaakt. Het ging echt niet goed. Ik kon er niet meer voor vluchten: het zat in mij en was zo bepalend geworden dat ik er niet meer omheen kon: het besef was daar. Het ging slecht, heel slecht.

Toch had ik nog de ruimte om te denken aan mijn zusje die binnenkort moest bevallen. Ik dacht dus aan mijn zusje en keek ’s ochtends vroeg op mijn telefoon voor nieuws en opeens belde mijn zwager. Al heel snel hoorde ik mijn zusje ook en ze vertelden in koor dat ik tante was geworden.  Als mijn buurman nog sliep dan was hij wakker geworden van mijn gegil van blijdschap. Ik was tante en voelde me weer even mijn oude zelf, dat ik blij was, dat ik weer blijdschap kan voelen voor anderen, dat ik erbij hoorde en ergens onderdeel van was. Ik had weer connectie met mezelf en daarom voelde ik al het andere ook weer.

Was het toen opgelost? Nee, maar dit was wel het lichtpuntje dat ik op dat moment heel hard nodig had. Want ook de Kerst van 2018 praatte ik niet; ja, wel over het feit dat ik eindelijk één hele baan had in plaats van twee halve. Maar over hoe het écht met me ging, dát vertelde ik niet.  De zwarte (kerst)gedachtes en gevoelens waren nog altijd mijn beste vrienden.

Kerst 2019: ook vorig jaar waren mijn ‘gezellige’ kerstgevoelens weer aanwezig en dat jaar was het opeens een lunch in plaats van pas rond borreltijd. Vlak voor vertrek kreeg ik bericht van mijn ouders: mijn tante was met spoed naar het ziekenhuis gegaan en dat we nadere berichten of het door zou gaan of niet, moesten afwachten.  Ik dacht toen van alles, behalve: “Yes, geen kerst dit jaar!” Het was eerder het tegenovergestelde. Ik had het advies gekregen om deze kerst gewoon een antwoord te geven wanneer er mij gevraagd zou worden hoe het met me ging, maar toen heb ik besloten: als het doorgaat dan vertel ik iedereen niet gewoon een antwoord maar de waarheid. En dat is eng, heel eng. Maar ik heb het wel gedaan. Sommige familieleden schrokken hiervan en schoten daarom in de adviesmodus: “Je moet gewoon nieuwe leuke dingen gaan doen”. Ik snap dat dit lief bedoeld is. Maar denk je dat ik dit de afgelopen jaren niet geprobeerd heb? Het was één van mijn vluchtmiddelen waardoor ik nog meer van mezelf kwam te staan en dus eenzamer werd. Maar ik kreeg ook begrip, een luisterend oor, oprechte interesse, oftewel liefde van familie. Mijn angsten voor stomme vragen, en dat niemand op mijn verhaal zat te wachten, waren weg want ik nam het heft in eigen handen. Ik vertelde hoe het echt met me ging en was hierdoor dichterbij bij mezelf en daarom was ik mezelf.

September 2020: mijn weerzin tegen Kerst speelde weer op doordat mijn moeder de vraag stelde of we al wisten hoe onze dagen er met Kerst uit zouden zien. Ik denk dat ik altijd tegen Kerst op zal blijven zien. Maar aan deze weerzin kwam al heel snel een einde want er zal dit jaar geen traditionele kerst met de familie zijn. De boom staat wel maar er zit niemand omheen. De drukke dagen voor Kerst zijn rustig. De winkels zijn donker, de winkelstaten zijn verlaten, de schouwburg en de stadsgehoorzaal zijn stil en is er géén sneeuw.

Mijn zwarte kerst is de kerst van iedereen geworden. Eenzaamheid gaat in je zitten, ontwricht jezelf en gaat tussen jou en mij instaan waardoor we nog verder van elkaar verwijderen en gaan we ons nog eenzamer voelen.

En dus moest ik opeens denken aan die ene winter op mijn zolderkamer en moest denken aan dat grappige kerstliedje uit de middagshow van Ruud de Wild en Jeroen Kijk in de Vegte.

Laten we dit jaar eens echt eerlijk zijn en de ruimte geven aan zwarte kerst en dat het dus niet ‘oh zo fantastisch en gezellig’ moet zijn.  Laten we daarom samen (buiten en op afstand) heel hard zingen: Kut het wordt weer kerst!

Leave a Reply